BOOM PATAT. Dan staat je wereld even stil.

Wie zich (al dan niet als zwakke weggebruiker) in het verkeer begeeft, legt zijn leven onrechtstreeks  in handen van mede weggebruikers. Je mag zelf braaf volgens het boekje rijden er zijn voldoende pipoo’s die je pad kruisen en je leven in enkele seconden kunnen bepalen.

Het was een gegeven dat ik erg goed besefte toen ik vijf jaar geleden voor ’t eerst achter het stuur kroop. Tot enkele minuten voor mijn praktisch rijexamen had ik er nog een discussie over met mijn vader. Dat ik mezelf vertrouw achter het stuur, maar dat ik me tegelijk verdomd kwetsbaar voel t.o.v. van roekeloze weggebruikers. Die schrik werd vorige week werkelijkheid. Een bestuurder was verblind door de zon en reed aan 70km/u op ons in.

Ik neem je mee naar vrijdagavond…

Ik spendeerde mijn vrijdagavond bij een goede vriendin in Ursel (op de boerenbuiten, jawel). Het was 19u30, Alixe was 2u eerder in slaap gevallen en lag boven in bed flink te ronken. Jules had net plaatsgenomen in de zetel en zat gapend naar een tekenfilm te kijken. Tijd om naar huis te gaan, me dunkt!

Terwijl Jules op de achterbank plaatsneemt en door mijn vriendin wordt vastgeklikt, probeer ik Alixe zonder wekken uit bed te halen en zachtjes in haar autostoel te mikken. Ze begint te jammeren en opent haar oogjes langzaam. “Zodra we vertrekken, slaapt ze verder.”, denk ik nog.

Nog even snel gedag zeggen en weg zijn we. Het eerste kruispunt, wat verder in de straat, moeten we linksaf. Ik vertraag en sta stil op de rijbaan zodat drie tegenliggers kunnen passeren. De radio staat uit en op de systematisch getik van mijn richtingaanwijzer na is muisstil in de auto.

Ik werp een blik in mijn achteruitkijkspiegel en zie een grijze wagen aan een betrekkelijke snelheid dichter komen. Het duurt niet lang voor ik besef dat de wagen niet in de remmen gaat. Wat volgt is een regelrechte nachtmerrie. Ik hoor piepende remmen en een oorverdovende knal terwijl we met een brute kracht naar voor gesmeten worden.

Paniek.

Ik hoor (gelukkig) geschreeuw vanop de achterbank en draai me meteen om. Jules heeft waarschijnlijk op zijn lip of tong gebeten tijdens de knal en bloedt uit zijn mond, maar niets ernstig. Het is vooral de blik in hun ogen die ik me herinner. Pure paniek. Noem het shock, maar de komende minuten zijn erg vaag. Ik tril zo hard dat ik amper op mijn benen kan staan en niet meer logisch kan denken.

Wanneer ik uitstap word’k geconfronteerd met de vloekende chauffeur van de wagen die op me ingereden was. Ik snauw hem toe dat er twee kinderen op de achterbank zitten en dat ik graag zou hebben dat hij zich kalm houdt. De man was net zoals ons over zijn toeren, maar gelukkig niet gewond. Ik merk wel dat hij enorm aangedaan is door ’t feit dat er kinderen betrokken zijn bij het ongeval. Omstaanders en voorbijgangers komen helpen en ontfermen zich over de kinderen terwijl ik de politie bel.

“Neem de kinderen hier weg!”

Plots voel ik een hand op mijn schouder. De vriendin waar ik 5 minuten geleden vertrok, had de de knal gehoord en besloot voor de zekerheid te gaan kijken ‘het zou toch niet…’. Jawel. Zodra ik haar zag begon ik te huilen, en zij ook. Gelukkig lukte het haar om helder te denken. “Ik neem Jules en Alixe mee naar m’n huis. Zij moeten dit niet zien.. zij moeten hier niet blijven.”, zei ze nog snel. Het was pas dan dat ik besefte dat de kinderen nog steeds in de wagen zaten.

Zodra de kinderen weg waren, begon ik rustiger te worden. Ik bel Matthijs en tussen het snikken door vertel ik wat er gebeurt is. Hij probeert me via de telefoon te kalmeren en ik durf voor het eerst een kijkje nemen bij de wrakken. De twee wagens zitten volledig in elkaar geplooid en op het wegdek verschijnt een gigantisch oliespoor. Wat ooit mijn koffer was is nu een hoop verwrongen staal.

De politie en takeldienst zijn gelukkig snel ter plaatste en houden zich bezig met de administratieve verplichtingen zoals het aanrijdingsformulier en de verzekeringspapieren. Terwijl ik in de grasberm probeer te bekomen, besef ik waaraan we ontsnapt zijn.

De man van de 2de wagen komt zich opnieuw uitvoerig excuseren. “Verblind door de zon. Ik had u niet zien staan.”, zegt hij. Ahja, of het nu effectief de zon, een radiozender, een GPS of sms’je was.. het zal me een worst wezen. De aandacht was niet bij de weg, zoveel is zeker.

Anywayz, ik mag mijn twee pollekes kussen dat we indertijd gekozen hebben voor een stevige wagen. Een wagen mét lange koffer Ahja, een auto is vervangbaar. Het voornaamste is dat we allemaal oké zijn. Om het met de woorden van de politie te zeggen: Met een C1’tje zonder koffer zouden de lichamelijke letsels (en dan vooral die van de kinderen) aanzienlijk geweest zijn.

Ondertussen

Terwijl Alixe het ongeval amper te sprake brengt, kan Jules er niet over zwijgen. Hij kan zich levendig herinneren wat de kleur van de andere auto was en hoe de bestuurder eruit zag. Het ventje heeft veel behoefte om erover te praten. De avond van het accident werd ik door de kinderen bestookt met ‘waarom’ vragen. ‘waarom de auto gebotst was’, ‘waarom die mijnheer tegen ons gereden was’, ‘waarom de takelwagen onze auto had meegenomen’, ‘waarom onze auto niet meer kan rijden’, …

Ook toen mijn vader ons later die avond naar huis bracht moest het van Jules muisstil zijn in de wagen. ‘anders zullen we opnieuw botsen’. Ocharme.

15 Comments

  1. Oh my god! Ik denk zo vaak “gaat die achterligger wel remmen?” En jij komt dat gewoonweg tegen! Echt schrikken zoiets! Best dat iedereen ok is!

    • Precies! Ik keek ook altijd snel even en vooral bij vrachtwagens of bussen dacht ik telkens “die gaat me raken…”. Vorige week had ik het wel snel door. De snelheid waarmee die wagen aangereden kwam… :(

  2. Wat eng zeg! Je komt ze echt overal tegen, mensen die hun aandacht niet bij de weg hebben. Gelukkig is alles goed met jullie. Hopelijk hebben de kinderen er niet al te lang last van.

  3. Wat is dit naar zeg, gelukkig is alles verder goed afgelopen. Ik heb toevallig vorige week exact het zelfde meegemaakt maar gelukkig had ik niemand op de achterbank zitten. Het akelige geluid van de knal alleen al doe je de rillingen over de rug lopen…

  4. Heavy Ester. Maar inderdaad nog een geluk dat het niet erger is. Ik heb recent mijn auto ook ingeruild voor een ander model, met lange koffer. En wat goed van je vriendin dat ze is komen kijken. Dikke knuffel!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *